De Tijden in een Tekening:
- The simple present [he/she/it –s]
- The simple past [2e rijtje ] of [ww + ed]
- The future [will + hele ww]
- Present perfect [have/has + 3e rijtje]
- Past Perfect [had + 3e rijtje]
Opdracht:
- Vul de juiste letters op de juiste plaats in.
- Vul in waarom of wanneer je die tijd gebruikt.
- Maak op een ander blaadje voorbeeldzinnen zoals ik ze in een proefwerk zou kunnen vragen (alle tijden door elkaar!)
- Volgende week elkaar’s opgaven maken!
Good Luck